“We willen ons baseren op wat internationale studies aantonen dat werkt”, zegt An-Sofie Versypt, directeur Risicotaxatie en Psychodiagnostiek bij het Agentschap Justitie en Handhaving. “Ons streven naar meer wetenschappelijke onderbouwing van de daderbegeleiding kwam in een stroomversnelling nadat Vlaams minister van Justitie Demir dit voornemen had verankerd in haar beleidsnota (2020). Een heel goede zaak. Als we nieuwe slachtoffers willen voorkomen, moeten we blijven inzetten op een kwaliteitsvolle daderbegeleiding.”
Missie: nieuwe strafbare feiten vermijden
Justitiehuizen begeleiden mensen die onder toezicht staan van justitie: na een veroordeling, tijdens een voorwaardelijke straf, of in het kader van een alternatieve maatregel. “In het verleden was het werk van de justitiehuizen sterk geïnspireerd door een traditionele sociaalwerklogica,” zo verduidelijkt An-Sofie. “De nadruk lag op begeleiding en op mensen helpen om opnieuw hun plaats in de samenleving te vinden. En dit binnen een justitieel kader met controle op de opgelegde voorwaarden. Doorverwijzing naar de juiste hulpverlening was hierin essentieel.”
An-Sofie benadrukt dat die benadering belangrijk blijft, maar wetenschappelijk onderzoek toont aan dat in een reclasseringscontext meer nodig is.
“Daarom zetten we vandaag nog meer in op het gerichter werken rond factoren die samenhangen met criminaliteit, zoals middelenmisbruik, een agressieprobleem, het minimaliseren van feiten, verkeerde vrienden enzovoort...”
Met de invoering van het RNR-model wordt recidivebeperking expliciet het centrale doel van de begeleiding. Dat betekent niet dat het werk van vroeger niet goed was, verduidelijkt An-Sofie Versypt.
“Veel justitieassistenten deden eigenlijk al dingen die perfect binnen het RNR-denken passen. Het verschil is dat we er nu een duidelijk, wetenschappelijk onderbouwd kader rond plaatsen, met een duidelijke werkwijze en handvaten voor de justitieassistent. Dat geeft houvast en maakt het werk van de justitieassistent transparanter en consistenter. Trouwens, in andere landen -zoals Nederland, Zweden en Canada- is daderbegeleiding ook op het RNR-model gebaseerd omdat het een bewezen effectieve aanpak is. We zitten dus in goed gezelschap.”
Met de VUB als partner
Voor de implementatie van dit RNR-denken wordt samengewerkt met de Vrije Universiteit Brussel. En die samenwerking betekent een grote meerwaarde, volgens An-Sofie. “Zo koppelen we de professionele expertise van de justitieassistenten aan de academische kennis van de VUB. Theoretische inzichten krijgen een directe vertaling in de praktijk.”
Minder beschrijven, meer analyseren
“Wat er concreet verandert voor de justitieassistenten? Een belangrijk verschil is dat dossiers systematischer worden opgebouwd. Risicofactoren en beschermende factoren worden explicieter in kaart gebracht, en verslagen bevatten meer analyse. Waar we vroeger soms vooral beschreven wat er aan de hand was, proberen we nu sterker te analyseren. Welke factoren spelen hier een rol voor herval? Hoe hangen ze samen? En waar moet de begeleiding prioritair op inzetten?”
Om dat mogelijk te maken werd de voorbije jaren stevig geïnvesteerd in ondersteuning, met de hulp van de VUB. “Justitieassistenten kregen opleidingen, de basiscursus werd herwerkt en ook digitale tools en verslagsjablonen werden aangepast. In die sjablonen zitten bijvoorbeeld reflectievragen die assistenten helpen om verder te denken dan de eerste indruk. Het doel is dat we op een uniforme manier informatie verzamelen en analyseren. Op die manier zetten we de professionele deskundigheid van de justitieassistent nog meer in de verf. Bovendien kan die steeds beroep doen op onze psychologen.”