Cijfers
Aanmelden mijn burgerprofiel
Strijd tegen ondermijning

“We willen niet wachten tot het misloopt”

Met het Decreet Integriteitsbeoordeling Openbaar Bestuur – kortweg DIOB – hebben de openbare besturen een nieuw wapen in de strijd tegen georganiseerde criminaliteit. Geen spectaculaire politieacties, maar een preventief instrument: vergunningen of subsidies weigeren wanneer er ernstige aanwijzingen zijn dat ze misbruikt zullen worden. “De overheid mag niet onbedoeld ondermijnende criminaliteit faciliteren”, duidt Joachim Heyligen, adviseur veiligheid bij de afdeling Handhaving. 

Terug
“Als blijkt dat de investering van een motorclub niet verklaarbaar is, kan dat wijzen op illegale financiering - drugs, gesloten goederen, witwaspraktijken... Een vergunning preventief kan dan preventief geweigerd worden.”

Wat is DIOB precies? 

Joachim: “DIOB moet voorkomen dat georganiseerde criminaliteit zich nestelt via legale structuren. het voornaamste doel is preventief ingrijpen, voor er een beslissing genomen wordt. . Als er ernstige aanwijzingen zijn dat een vergunning zal worden gebruikt voor bijvoorbeeld witwaspraktijken of mensenhandel, dan kan ze worden geweigerd.Dit ligt in de lijn van de missie van het agentschap: werken aan een veilige en rechtvaardige samenleving. 

Joachim: “Klopt. We willen vermijden dat criminaliteit vaste voet krijgt via overheidsbeslissingen. Dat past volledig binnen onze opdracht.” 

Kan je een concreet voorbeeld geven? 

Joachim: “Een motorclub bijvoorbeeld die een clubhuis wil vestigen in een loods of boerderij. Als bijvoorbeeld uit financiële gegevens blijkt dat de investering eigenlijk niet verklaarbaar is, kan dat wijzen op illegale financiering – drugsproductie, opslag van gestolen goederen, witwaspraktijken. Dan kan een vergunning preventief geweigerd worden.” 

“Ook subsidies vallen onder het systeem. Als een organisatie aantoonbare banden heeft met criminele netwerken, kan je moeilijk publiek geld blijven toekennen.” 

Zowel Vlaams als federaal bestaat er zo’n wetgeving. 

Joachim: “Ja, Vlaanderen heeft een eigen decreet dat al in 2023 werd goedgekeurd. Eind 2025 volgde het uitvoeringsbesluit dat het systeem effectief in werking zet. Daarnaast bestaat er ook een federale regeling met een eigen DIOB-bureau. De bedoeling was oorspronkelijk om met de federale overheid een omvattend samenwerkingsakkoord te sluiten, dat is niet gelukt, nu zetten we wel nog steeds in op een samenwerkingsakkoord dat als voornaamste doel heeft de wederzijdse informatie-uitwisseling te regelen. Dat akkoord is er voorlopig nog niet, omdat de federale DIOB-wetgeving momenteel wordt geëvalueerd.” 

Een samenwerkingsakkoord komt er ooit wel aan. 

Joachim: “Dat is wel de bedoeling. Vandaag hebben wel al een pak info, maar met een samenwerkingsakkoord  krijgen openbare besturen ook toegang tot bijvoorbeeld bepaalde politie- of gerechtelijke gegevens. Nu moeten ze werken met eigen informatie, gegevens van Vlaamse inspectiediensten en het Vlaams Handhavingsplatform (VHP) intern openbare bronnen. Maar we hebben beslist niet langer te wachten.” 

Meer slagkracht  

Wat maakt de wetgeving nu anders voor lokale besturen? 

Joachim: “Gemeenten probeerden vroeger soms al in te grijpen, maar zonder duidelijke juridische basis. Dat zorgde voor onzekerheid. Nu is er een decreet met een duidelijke procedure. Lokale besturen hebben eindelijk een stevig rechtskader om op terug te vallen.” 

Wie start zo’n integriteitsonderzoek op? 

Joachim: “Het initiatief ligt bij het openbaar bestuur zelf, meestal de gemeente die bevoegd is voor de vergunning of subsidie. Vaak gebeurt dat op basis van signalen. Bijvoorbeeld wanneer de politie waarschuwt dat een onderneming elders betrokken was bij verdachte praktijken. Daarnaast kunnen gemeenten gebruikmaken van crimiscandat een eerste risico-indicatie geeft op basis van financiële en openbare gegevens.” 

Hoe lang duurt zoiets? 

Joachim: “Als het gebeurt tijdens een vergunningsprocedure, worden de beslistermijnen geschorst. Het onderzoek kan dan maximaal 80 dagen duren. Wordt het later opgestart, bijvoorbeeld nadat er nieuwe aanwijzingen opduiken, dan is er geen vaste termijn. Maar een negatieve beslissing kan nooit zonder dat de betrokkene eerst wordt gehoord.” 

Is dat juridisch niet erg delicaat? Je weigert iets op basis van vermoedens. 

Joachim: “Het gaat niet om losse vermoedens. Er moeten gegronde redenen zijn, onderbouwd met een degelijk dossier. Eén oud feit op een strafblad volstaat niet. Het principe is juridisch getoetst. Het decreet doorliep de volledige adviesprocedure bij de Raad van State, en ook de federale regeling overleefde toetsing door het Grondwettelijk Hof. Preventief optreden kan, zolang het proportioneel en zorgvuldig gebeurt.” 

Sommigen vrezen een ‘Big Brother’-instrument. 

Joachim: “Dat is niet de bedoeling. Dit is geen systeem van algemene screening. Een gemeente moet niet alle kapperszaken of cafés systematisch controleren. Het wordt alleen toegepast wanneer er concrete aanwijzingen zijn van risico’s.” 

Eerlijker speelveld 

Zijn de gemeenten hier klaar voor? 

Joachim: “Het is nieuw, voor hen én voor ons. Daarom begeleiden we de eerste dossiers intensief. We werken aan opleidingen, sjablonen en praktische ondersteuning. 

Het is niet de bedoeling om in Vlaanderen een groot eigen bureau uit te bouwen, zoals federaal, het is wel de bedoeling om het federale DIOB-bureau in te schakelen in onderzoeken op basis van het DIOB-decreet. Dit moet nog worden geregeld in het samenwerkingsakkoord. Wij ondersteunen en coördineren vooral.” 

Bestaat dit systeem elders? 

Joachim: “Ja. In Nederland bestaat er ook een dergelijke wetgeving die als inspiratie diende. Ook daar was in het begin debat over proportionaliteit, maar het systeem is intussen ingeburgerd..”

Wat moet DIOB uiteindelijk opleveren? 

Joachim: “Een veiligere samenleving, maar ook een eerlijker economisch speelveld. Bonafide ondernemers mogen niet geconfronteerd worden met schaduwbedrijven die enkel dienen om zwart geld door te sluizen. Door die structuren preventief te weren, maak je ruimte voor wie wel correct werkt.” 

“De eerste dossiers zullen bepalend zijn. Iedereen heeft wat koudwatervrees. Maar de instrumenten liggen nu op tafel. We willen vooral vermijden dat we pas optreden wanneer het al te laat is.” 

“Een gemeente moet niet alle kapperszaken of cafés systematisch controleren. Het wordt alleen toegepast wanneer er concrete aanwijzingen zijn van risico’s”
Terug